E-Cert Interface
Datum: 11/09/2025
Functionaliteit
Voor iedere verzending waar douane aangifte voor moet worden gedaan moet door het KCB (Kwaliteits-Controle-Bureau) een controle worden uitgevoerd op de goederen die verladen gaan worden. Op basis van deze keuring zal het KCB documenten opstellen / vrijgeven die benodigd zijn voor het kunnen opmaken van Douane documenten.
Deze documenten zijn o.a.:
- KCB Keuringsrapport
- Fyto-certificaat
Gezien het aantal keuringen moeten aanvragen en verklaringen digitaal aangegeven worden dan wel opgevraagd worden.
KCB is een Keuringsbureau. Support bij het opstellen en onderhouden van interfaces is “uitbesteed” aan Floricode. Zij bieden de support en een test-omgeving om interfaces op te stellen en te kunnen testen alvorens deze bij KCB worden aangeboden / worden geïmplementeerd.
De feitelijke koppeling tussen de verlader en KCB wordt verzorgd door e-CertNL(voorheen CLIENT Export). Dit is het systeem van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Het gebruik van e-CertNL werd in 2013 verplicht voor de exporteurs. Daarom is er in I-suite een standaard interface koppeling mogelijk. Deze koppeling is alleen mogelijk indien men gebruikt maakt van de I-suite transport module aangezien de transport order de basis is voor deze koppeling (informatie).
De E-cert koppeling kent een tweetal automatiseringsniveau’s. In I-suite is het automatiseringsniveau “Deels geautomatiseerd” opgenomen.
Voorwaarden
E-Cert is een apart gelicentieerde module, en gebaseerd op de Transport module en I-Connect.
Inrichting
Deze paragraaf beschrijft de benodigde inrichting voor deze functionaliteit.
Instellingen
Om gebruik te kunnen maken van de E-cert interface moet men deze instellingen activeren.
Ga hiervoor naar E-cert instellingen
| Instelling | Uitleg | Waarde |
|---|---|---|
| Ingeschakeld | Geeft aan of E-CertNL is ingeschakeld | Aan |
| Webservice URL | ||
| Sector code | ||
| IBP Product | ||
| KCB Doc Provider soort | ||
| KCB DOC Provider naam | ||
| KCB Doc Submap | ||
| KVK nummer | ||
| Locatienummer | ||
| Beveiligingssleutel | ||
| Test modus | Dit zal er voorzorgen dat de berichten bij Floricode in te test-suite terug te vinden zijn | |
| Gebruikersnaam | ||
| Wachtwoord: | ||
Stambestanden
Onderstaande stamtabellen moeten of kunnen worden ingericht om met deze functionaliteit te kunnen werken:
| Stamtabel | Uitleg | Verplicht/optioneel |
|---|---|---|
I-Connect
Er zijn 2 functies toegevoegd in I-Connect die het werken met lotattributen binnen het E-Certificeringsproces vereenvoudigen en structureren.
| Functie | Toelichting |
|---|---|
| EC_FILLLOTATTRIBUTE | Deze functie vult de tabel 11164258 "AXIEC ECert Lot Attribute" met relevante attributen op basis van artikelgegevens. Invoerparameters:- Artikelnr - Variantcode- LotNr Werking: De functie vult de tabel met rijen die bestaan uit:- Artikelnr - Variantcode- LotNr - Attribuutnaam- Attribuutwaarde - Uniek sessie-IDAlleen attributen waarbij de boolean "E-Cert" is aangevinkt worden meegenomen. Het gegenereerde sessie-ID wordt teruggegeven en kan worden opgeslagen via de functie SETVARIABLE.Na het vullen van de tabel kan het sessie-ID worden gebruikt als filter om door de aangemaakte attributen te itereren. |
| EC_CLEARLOTATTRIBUTE | Verwijdert de regels die eerder zijn aangemaakt door EC_FILLLOTATTRIBUTE.De functie onthoudt automatisch het laatst gebruikte sessie-ID.Er hoeven geen parameters meegegeven te worden. |
Basisinrichting
In onderstaande kaarten leg je de basis inrichting vast voor deze functionaliteit:
| Kaart | Velden |
|---|---|
Proces
Gebruik interfaces
Op de transport order pagina en op de route-document-pagina zijn extra functie knoppen (mits inrichting gevuld is). Elke zijn verbonden aan de het versturen / ophalen van één van de interfaces.
- Certificaat aanvraag (interface: 315.xml)
- Aanvraag inspectie(interface: 319.xml)
- Aanvraag status (interface: 311 / 301.xml)
- Opvragen documenten.(interface: 302.xml)
Men kan ook vanuit deze pagina’s direct navigeren naar de nieuwe page zodat men direct de status kan inzien van de betreffende responses.
De status van de berichten is in BC / I-Fresh inzichtelijk gemaakt worden middels een Page.
Daarin zijn de transport opdrachten weergegeven met route-documentnr’s. Per transport order staat de status weer gegeven middels symbolen. Hieronder een schematische weergave hoe deze page eruit ziet. Deze pagina is oproepbaar vanuit Transport orders / verzameltransport orders / menu optie onder Transport.
Als de benodigde documenten beschikbaar zijn dan moet er in de regel een koppeling opgenomen zijn naar de betreffende PDF bestanden.
Op deze page moeten ook de 4-tal functie knoppen staan voor het sturen en ophalen van de webservice gegevens. Na actie response moet de page ververst worden zodat de gebruiker direct de status kan zien en de documenten kan bekijken. De acties moeten gedaan worden voor de geselecteerde regel in de list-page.
Onderstaand een schema welke interfaces ontwikkeld zijn:
1. interface: GetInspectionRequestInspection-319.XML
Plaatsen inspectie aanvraag (319)
Het plaatsen van een aanvraag (319: aanvraag) voor een inspectie van een zending waarvoor een certificaat is aangevraagd. (Op het moment van plaatsen van een inspectieaanvraag hoeft de zending nog niet compleet te zijn!) In de respons (319: respons) wordt door het systeem direct de identificatie van de aangevraagde inspectie gemeld.
Aanvullen inspectie (319)
De exporteur/expediteur wijzigt aantallen en/of voegt partijen toe aan de inspectie. Hij verwijst hierbij naar de aanvraag d.m.v. de oorspronkelijke identificatie (= IBP registratienummer). Het aanvullen van de zending (315) moet hieraan zijn voorafgegaan
Opvragen inspectielijst (319)
De exporteur/expediteur vraagt een lijst op met de artikelen binnen de zending die geïnspecteerd dienen te worden alsmede (optioneel) de betreffende handwijzer voor de inspectie.
Template voor deze xml interface kan ment hier vinden: 319
2. Interface: PutCertificateRequest-315.XML
Plaatsen certificaat aanvraag (315)
Het plaatsen van een aanvraag voor een certificaat ten behoeve van een zending goederen. Direct na het indienen volgt een respons (315: respons) waarin de identificatie van de aanvraag door het systeem wordt gemeld.
Aanvullen zending (315)
De exporteur/expediteur wijzigt de zending (meestal het toevoegen van orderregels): Toevoegen : referentienr. bestaat niet. Wijzigen : referentienr. komt voor. Verwijderen : referentienr. niet meer aangeboden.
Template voor deze xml interface kan ment hier vinden: 315
3. Interface: GetAsyncCertificateStatusResponse-311-async.XML
Opvragen status certificaat (301/311)
De exporteur/expediteur vraagt aan het e-CertNL systeem naar de status van het certificaat c.q. van de zending (301/311: aanvraag status). In de respons (301/311: respons) wordt de exportwaardigheid van de zending en van de afzonderlijke orderregels aangegeven. De eindstatus is dat de zending exportwaardig is.
4. Interface: GetCertificateStatusResponse-301.XML
Zie 3de interface
5. Interface: GetCertificateDocumentResponse-302.XML
Opvragen certificaat (302)
De exporteur/expediteur vraagt (302: aanvraag) aan het e-CertNL systeem het exportcertificaat op in de vorm van een PDF of XML of beide. De respons (302: respons) bevat het gevraagde document.
Deze documenten moeten opgeslagen worden op een toegangkelijke plaats voor de klant / systeem. Zodat deze documenten ook meeverzonden kunnen worden in een later te maken interface voor Freightline / Douane aangifte.
De locatie van de plaats waar deze documenten default opgeslagen dienen te worden moeten men in kunnen stellen op de pagina: Verkoopinstellingen Sales & Receivables Setup (459, Card) -> Sectie I-Base | tabel: Sales & Receivables Setup (311)
Hiervoor zal een nieuw veld gemaakt moeten worden waarin deze verwijzing kan worden gedefinieerd.
Lijsten en Rapporten
De volgende lijsten en rapporten zijn beschikbaar om de gegevens van deze functionaliteit te rapporteren of om de voortgang in de gaten te houden:
| Lijst/rapport | Inhoud en doel |
|---|---|
| Er zijn geen rapporten beschikbaar | |