I-Connect Functies
Datum: 28/10/2025
Beschikbare berekenfuncties
De eerder genoemde berekenfuncties in het I-Connect schema worden in deze paragraaf behandeld.
Voor de opmaak van velden (numeriek en datum/tijd) kan gebruik worden gemaakt van standaard BC opmaakcodes. Deze kan dan in parameter 1 worden ingevuld. Deze zijn te vinden op: Standaard BC opmaak codes
Notitie
Niet alle berekeningen zijn relevant of te gebruiken in alle EDI schema’s.
| Code | Omschrijving | Van toepassing op |
|---|---|---|
| ATTRVALUE | ||
| ATTRNOLOT | ||
| CALCVAT | Berekent het totaal BTW bedrag van de factuur/creditnota Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur en verkoopcreditnota |
| CALCVATLINE | Berekent het BTW bedrag van de factuurregel/creditnotaregel Parameter 1: [DocumentNo] Parameter 2 [DocumentLineNo] |
Verkoopfactuur en verkoopcreditnota |
| CDATA | Hiermee kan de waarde in een CDATA veld worden gezet | Alles |
| CONCAT | Hiermee kunnen velden aan elkaar worden 'geplakt'. Parameter 1: [ValueBefore]Parameter 2: [ValueAfter] |
Alles |
| CONV2DATETIME | Converteert een numeriek getal van 12 lang naar een datumformaat | Numeriek veld naar datumveld |
| CONVERTSTR | Hiermee kan een teken worden vervangen door iets anders. Parameter 1: [FromCharacters] Parameter 2 [ToCharacters] |
Alles. |
| COUNTRYISOBILL | Geeft de ISO landcode terug van het land van de Factureren aan klant, als volgt: - Haal op basis van landcode van het veld bill-to country/region de bijbehorende intrastatcode (veld 7 in tabel 9) op. Indien intrastatcode leeg, neem dan landcode zelf.Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| COUNTRYISOSELL | Geeft de ISO landcode terug van het land van Orderklantnummer, als volgt: - Haal op basis van landcode van het veld sell-to country/region de bijbehorende intrastatcode (veld 7 in tabel 9) op. Indien intrastatcode leeg, neem dan landcode zelf.Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| COUNTRYISOSHIP | Geeft de ISO landcode terug van het land van verzendadres, als volgt: - Haal op basis van landcode van het veld ship-to country/region de bijbehorende intrastatcode (veld 7 in tabel 9) op. Indien intrastatcode leeg, neem dan landcode zelf.Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| CREATEGUID | Create a new unique GUID *** | ? |
| DATETIME | Systeemdatum en tijd Parameter 1: [BCDateTimeFormat] |
Datumveld |
| DATETIMECALC | kan datum berekeningen doen, bijvoorbeeld datum + 1 dag, bijvoorbeeld DATETIMECALC(2026-03-20 10:00, 1, -2, 0) geeft terug: 2026-03-21 08:00 | Datumveld |
| EANBILL | Geeft de EAN/GLN code terug van de Factureren aan klant. Als volgt: Haal op basis van factureren aan de EAN code op uit klant (veld 11091585 uit tabel 18) Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| EANSELL | Geeft de EAN/GLN code terug van het verzendadres, als volgt: Haal op basis van orderklantnummer de EAN code op uit klant (veld 11091585 uit tabel 18)Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| EANSHIP | Geeft de EAN/GLN code terug van het verzendadres als volgt: Bepaal orderklantnummer en bepaal adrescode- Indien adrescode gevuld: o Bepaal obv orderklantnummer i.c.m. adrescode de EAN code op uit klant verzendadres (veld 11091585 uit tabel 222) - Indien adrescode niet gevuld: o Haal op basis van orderklantnummer EAN code op uit klant (veld 11091585 uit tabel 18),Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending, Verkooporder |
| EANITEM | Geeft de EAN/GTIN code terug van het artikel, als volgt: EAN kan van HE of de CE zijn. Indien dit er is kan dat worden vastgelegd in artikelidentificaties omdat je daar verschillende eenheden kan vastleggen en per eenheid een andere code.- Zoek artikelnummer i.c.m. eenheidscode en variant via artikelidentificatie (tabel 7704). Indien gevonden: neem hiervan de code - Indien niet gevonden neem GTIN uit artikel (veld 1217) Parameter 1: [DocumentNo] Parameter 2: [DocumentLineNo] |
Verkoopfactuurregel, verkoopcreditnotaregel, Verzendingregel, Verkooporderregel |
| FORMATDATE | Opmaak van een datumveld Parameter 1: [BCDateFormat]Meest gebruikte format: <Year,4><Month,2><Day,2>Resultaat: 20181231 |
Datumveld |
| FORMATDATETIME | Hiermee kun je de opmaak van een DateTime veld regelen | DateTime veld |
| FORMATDATETIME2DATE, FORMATDATETIME2TIME | Met deze functies kun je een datum-tijd eenvoudig omzetten naar respectievelijk een datum of een tijd. | DateTime veld |
| FORMATDECIMAL | Opmaak van een numeriek veld Parameter 1: [BCDecimalFormat] Veel gebruikt voor parameter 1: (Sign) (Integer)(Decimals)(Comma,.) In xml wil je namelijk geen duizendtal separator en de komma bij decimalen moet een punt zijnResultaat: 1234.56 (Precision,5)(Sign)(Integer)(Decimals,6)(Comma,.) Als je een (vast of maximaal) aantal decimalen wilt, in dit voorbeeld 5 decimalen (Bij decimals moet getal dan 1 hoger zijn) Resultaat: 1234.56000 |
Numeriek veld |
| GETCERTFROMLOC | Ophalen van een geldig certificaatnummer van een locatie. Hierbij dient een filter gelegd te worden op de begindatum en einddatum. De begindatum dient gelijk of eerder te zijn dan het moment van aanroepen, de einddatum gelijk of later. Indien er meerdere records worden gevonden, wordt de eerste teruggegeven. Parameter 1: [Location],Parameter 2: [Certificate No.] |
Locatie |
| GETNOSERIE | Ophalen van het 1e nieuwe nummer volgens de opgegeven nummerreeks. Parameter1 1: [Nummerreeks] |
|
| GETORDERNO | Ophalen van het ordernummer Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending |
| GETVALUEFROMTABLE | Hiermee kan op basis van veld uit de tabel de bijbehorende stamtabel worden benaderd en hiervan een veld worden opgenomen. Voorbeelden: bij factuur velden van artikel of klant die niet in de factuurkop of regel aanwezig zijn en je wel wilt opnemen in het schema. Voorwaarde: het is bedoeld voor uitgaande schema’s en het werkt alleen voor tabellen met 1 sleutelveld. Dus bijvoorbeeld wel voor klant tabel, niet voor klant-adres tabel.Parameter 1: [Tabelnummer] Parameter 2:[Veldnummer] Middels deze functie op het element kan dan uit de klanttabel van betreffende klant elk veld worden opgehaald, bijvoorbeeld het mailadres. Dat betreft veldnr 102 uit tabel 18. |
Alle tabellen, uitgaand met 1 sleutelveld |
| GETVARIABLE | Ophalen van de inhoud van een variabele Parameter 1: [Variable] Voorbeeld: voor documentnummer Of voor documentregelnummer |
In geval van variabele bepalen |
| GETVATPRCFIRSTLINE | Bepaalt het BTW percentage van de eerste factuur/creditnotaregel Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoop- en Verkoopcreditnota |
| GETYOURREF | Ophalen van het veld Uw referentie van de verkooporder Parameter 1: [DocumentNo] |
Verkoopfactuur, verkoopcreditnota, Verzending |
| IFSTATEMENT | De IfStatement functie is een krachtige conditie-evaluatie functie die het mogelijk maakt om complexe logische beslissingen te nemen. Parameter 1: [Conditie] De logische voorwaarde om te evaluerenParameter 2: [WaarActie] Actie uit te voeren wanneer conditie waar is Parameter 3 [OnwaarActie] - Actie uit te voeren wanneer conditie onwaar is. |
|
| INITVARIABELE | INitialiseren van een variabele Parameter 1: [Variable]Parameter 2: de waarde van de variabele |
In geval van variabele bepalen |
| ROUNDWHOLENUMBER | Afronden van een numeriek veld op geheel getal (standaard afronding) | Numeriek veld |
| RTVCODE | Hiermee kun je de code van een Enum veld ophalen | ENUM veld |
| SKIPELEMENT | Deze functie maakt het mogelijk om XML-elementen conditioneel over te slaan op basis van dynamische waardevergelijking. De functie vergelijkt een variabele waarde met een opgegeven vergelijkingswaarde en retourneert een boolean resultaat dat bepaalt of een XML-element moet worden uitgesloten in de uitvoer. Parameter 1: [VariableToCompare] – De te vergelijken variabele (ondersteunt #variable-syntaxis)Parameter 2: [CompareValue] – De waarde waarmee vergeleken wordt |
Boolean: Element overslaan als de waarden overeenkomen, Element verwerken als ze verschillen |
| ADDFIELD – SUBTRACTFIELD – DIVIDEFIELD - MULTIPLYFIELD | Berekening van een numeriek veld met een vaste factor/waarde, dus optellen, aftrekken, vermeningvuldigen en delen. Bijvoorbeeld bij een creditnota moeten bedragen *-1 worden gezet. Parameter 1 [numeriek getal] |
Verkoopfactuur en verkoopcreditnota |
| SETVARIABLE | Bepaal de variabele Parameter 1: [Variable] Voorbeeld: voor documentnummer Of voor documentregelnummer |
In geval van variabele bepalen |
| SUBSTRING | Hiermee kun je van 1 tabelveld een gedeelte van het veld gebruiken | Alfanumeriek veld |
| TIME | Systeemtijd Parameter 1 [BCTimeFormat] |
Tijdveld |
| TODAY | Systeemdatum Parameter 1: [BCDateFormat] |
Vandaag als datumveld |