Magazijn classificatie
Datum: 26/02/2026
Functionaliteit
Standaard BC kent maar één status voor een partij: "geblokkeerd" of "vrijgegeven". Als een lotnummer geblokkeerd is, kan men er logistiek gezien niets meer mee doen. De voorraad kan niet meer verplaatst of afgeboekt worden.
In I-Suite kunnen vrij definieerbare statussen worden ingericht en toegewezen aan een lotnummer of specifieke dragers. Deze statussen, in combinatie met de daaraan gekoppelde classificatie-instellingen, bieden meer flexibiliteit in het logistieke proces, maar leggen ook duidelijke restricties op wat betreft verplaatsing.
Om deze functionaliteit te kunnen gebruiken dient het volgende ook gebruikt te worden:
- Logistieke drager functionaliteit
- Opslaglocaties (het gebruik van zones is optioneel)
Belangrijk
I-Suite is voortdurend in ontwikkeling en optimalisaties worden op termijn gepland.
Daarom is het belangrijk om te benoemen dat de classificatie toetsing momenteel enkel functioneert op:
- Artikelherindelingsdagboek
- Magazijn pick
Inrichting
Deze paragraaf beschrijft de benodigde inrichting voor deze functionaliteit. Tevens staat uitgelegd wat met de functionaliteit kan worden bereikt. Tevens zijn er een 4-tal scenario’s beschreven.
Instellingen
Drager instellingen
Via logistieke drager instellingen kunnen statussen worden gedefiniëerd mits het gebruik van statussen is geactiveerd.
Het is daarbij ook mogelijk één standaard status in te stellen. Deze standaard zal automatisch aan een lot / drager gekoppeld worden zodra deze aangemaakt wordt, tenzij er een default status is ingesteld op de relevante opslaglocatie.
Een default status kan via Locaties -> Zone – opslaglocaties vastgelegd worden. Voorwaarde is wel dat eerst het veld Log. Sturing obv status wordt geactiveerd. Ga hiervoor naar Logistieke drager instellingen/Algemene instellingen.
Hiermee kan men aan een vrij definieerbare status een classificatie koppelen:
- Vrijgegeven
- Quarantaine ontvangst
- Quarantaine productie
- Geblokkeerd afboek / retour
- Geblokkeerd
- Intern gebruik.
Standaard worden twee statussen uitgeleverd: Vrijgegeven en Geblokkeerd. Deze zijn niet aanpasbaar, en hebben een standaard classificatie.
Het is mogelijk om een van deze statussen als default in te stellen.
Magazijn zones
Men kan op zone niveau de classificatie toelating inrichten door gebruik te maken van een sjabloon dat aan een zone wordt toegewezen, of door de classificaties zelf per kolom in te geven. Als dit op zone niveau wordt gedaan en vervolgens opslaglocaties worden aangemaakt vanuit de zone kaart, worden de instellingen automatisch doorgegeven aan de gerelateerde opslaglocatie binnen die zone.
Men kan op zone niveau de classificatie toelating inrichten. Dit kan men doen door:
- Sjabloon: Gebruik te maken van een sjabloon en dat sjabloon kan aan een zone worden toegewezen.
- Classificatie kolommen: Men kan ook de classificaties zelf per kolom ingeven. Als men dat op zone niveau doet en men maakt vervolgens vanuit de zone kaart de bijbehorende opslaglocaties aan, dan worden de instellingen die op zone niveau zijn gezet automatisch doorgegeven aan de gerelateerde opslaglocatie. In de kolom Standaard status kan men een default status ingeven. Deze instelling wordt ook doorgegeven aan de onderliggende opslaglocaties. Deze status zal automatisch gezet worden zodra een drager naar die zone of opslaglocatie geboekt wordt.
Magazijn opslaglocaties
Men kan op opslaglocatie niveau de classificatie toelating inrichten. Dit kan men doen door:
- Sjabloon: Gebruik te maken van een sjabloon dat aan een opslaglocatie wordt toegewezen.
- Classificatie kolommen: De classificaties zelf per kolom ingeven.
Als men de classificatie instellingen op opslaglocatie niveau wijzigt ten opzichte van de zone instellingen, is dat geen probleem.
In de kolom Standaard status kan men een default status ingeven. Deze status zal automatisch worden ingesteld zodra een drager naar die zone of opslaglocatie wordt geboekt5.
Tip
Bovengenoemde instellingen kunnen dus afwijken van de zone inrichting. De instellingen op opslaglocatie niveau hebben prioriteit boven de zone inrichting
Magazijn status bepaling
Status bepaling bij aanmaken van een nieuwe drager geeft de hierarchie aan waarmee een status op een drager wordt bepaald.
- Default status vanuit opslag
- Standaard status
- Bij splitsen (art herin + ongepl. Art. wijzigdorder) bronstatus drager ==> doelstatus drager
Proces
Zodra er een drager verplaatst (boeking) wordt, dan checkt het systeem of de classificatie instellingen van de statussen overeenkomt met de ingestelde classificatie van de opslaglocatie.
Indien er geen overeenkomst vastgesteld kan worden dan treedt er een foutmelding op en kan men de verplaatsing niet uitvoeren voor die opslaglocatie. Hieronder een schematische weergave.
Notitie
De status kan maar 1 classificatie hebben.
De opslag locaties kunnen een combinaties van classificaties hebben. Als er op een van de classificaties een match gemaakt kan worden, dan wordt de boeking toegestaan.
Belangrijk
Deze check werkt NIET als er een default status op de opslag locatie is ingesteld. Dan zal de boeking ALTIJD toegestaan worden, echter zal de status van de opslaglocatie overgenomen worden naar de drager. En daarmee zal de boeking dan altijd toegestaan zijn.
Dit is bijvoorbeeld zinvol als men een STATUS van vrije voorraad naar een QA opslaglocatie boekt, waarmee dan die drager direct de STATUS: QA controle kan hebben.
Voorbeeld
Ontvangst
Men kan met deze instellingen bijvoorbeeld instellen dat een drager bij ontvangst automatisch een status krijgt met classificatie “Quarantaine ontvangst”.
Zolang de status van de drager niet is omgezet naar een status met bijvoorbeeld classificatie “Vrijgegeven” kan men de drager niet opnemen in de “Vrije” voorraad. Het is dan enkel mogelijk de drager te verplaatsen naar een zone / opslaglocatie met classificatie “Quarantaine ontvangst”. Denk hierbij aan een kwaliteitsafdeling / keuringshoek.
Afkeur
Zodra men een drager tegenkomt en men wijzigt de drager status naar bijvoorbeeld “Afvoer” met classificatie “geblokkeerd afboek / retour” in de vrije voorraad (lees: zone / opslaglocaties met classificatie “Vrijgegeven)” omdat de pallet bijvoorbeeld bedorven is geraakt.
Dan kan men deze drager nergens meer naartoe verplaatsen, enkel kan deze naar een “Destructie” opslaglocatie met classificatie “geblokkeerd afboek / retour” geboekt worden.
Status wijziging op lotnummer informatie kaart
Op de lot informatie kaart ziet met de status ook van de partij. Zodra men de status op de lot informatie kaart wijzigt dan wijzigt men het ook voor alle onderliggende dragers.
Zet men het standaard BC veld Geblokkeerd op True, dan zullen alle gekoppelde dragers automatisch de default status “Geblokkeerd” krijgen met de default classificatie “Geblokkeerd”. Men zal dan niet in staat zijn de dragers te verplaatsten naar een opslaglocatie met classificatie “Geblokkeerd”. Dit zal dan geblokkeerd worden vanuit standaard BC controles obv boolean “geblokkeerd”
Als men op een of meerdere van de onderliggende dragers de status wijzigt naar een willekeurige andere status zal het veld Geblokkeerd op de partij informatie kaart automatisch “False” worden.
Wanneer een partij de onderliggende drager verschillende statussen zullen hebben dan zal op de lot-informatie kaart de status “Multiple” aangeven.
Scenario’s
Scenario 1 – Aanmaken nieuwe drager op opslaglocatie met default status op opslaglocatie
- De ontvangstopslaglocatie heeft een default status (bijv. QA).
- Nieuwe dragers krijgen automatisch deze status.
- De status is niet aanpasbaar in de header van de dragerverwerking.
Voor gebruiker:
- Geen keuze mogelijk.
- Systeem bepaalt de status volledig automatisch.
Scenario 2 – Aanmaken nieuwe drager op opslaglocatie zonder default status
- De ontvangstopslaglocatie heeft geen default status.
- Het systeem gebruikt de standaard status.
- De status is wel aanpasbaar door de gebruiker tijdens verwerking.
Voor gebruiker:
- Status kan handmatig worden aangepast vóór boeken.
Sceanrio 3 - Dragerkaart (altijd geldig)
- Op de dragerkaart kan een gebruiker altijd de dragerstatus aanpassen.
Dit geldt:
- Ongeacht de opslaglocatie
- Ongeacht een ingestelde default status
Scenario 4 – Splitsen naar een lege drager
Situatie:
- Bron drager heeft status A.
- Opslaglocatie heeft default status X.
- Er wordt gesplitst naar een lege doeldrager.
Gedrag:
- In de verwerkingsheader wordt status X getoond.
- Na boeken hebben beide dragers status A.
Technisch resultaat:
- Doeldrager: statusmutaties "" → X → A
- Brondrager: geen statusmutatie
Scenario 5 – Splitsen naar bestaande drager
Situatie:
- Brondrager status = A
- Doeldrager status = Y
- A ≠ Y
Resultaat:
- Splitsen wordt geblokkeerd.
- Gebruiker krijgt een foutmelding.
- Geen statusmutaties op bron of doel.
Belangrijke regel:
- Bron- en doelstatus moeten vooraf gelijk zijn gesteld
Belangrijke gebruikersregels (samenvatting)
- ✅ Dragerstatus op de dragerkaart is altijd aanpasbaar
- ✅ Splitsen naar lege drager is toegestaan
- ❌ Splitsen naar bestaande drager met andere status is niet toegestaan
- ℹ️ Splitsen is geen verplaatsing; eerst splitsen, daarna verplaatsen
Lijsten en Rapporten
Buiten de standaard analysemodus op deze pagina zijn voor deze functionaliteit geen lijsten of rapporten beschikbaar. |
Lijsten en Rapporten
Buiten de standaard analysemodus op deze pagina zijn voor deze functionaliteit geen lijsten of rapporten beschikbaar. |